Sportgeneeskundig onderzoek

Inspanningsastma bij sporters: diagnose en behandeling

Daan van der Zee Daan van der Zee
· · 5 min leestijd

Je traint hard, je doet je best, en dan ineens krijg je het gevoel dat je longen niet mee willen doen. Niet op rust, maar juist op het moment dat je er echt in zit.

Inhoudsopgave
  1. Wat is inspanningsastma echt?
  2. Diagnose: hoe weet je het zeker?
  3. Behandeling: wat kun je er aan doen?
  4. En als het niet meegemediceerd blijft?
  5. Wat je nu al kunt doen

Dat kloppende gevoel bij de borst, dat piepende geluid als je uitademt, de druk — je denkt even dat je het niet meer kunt.

Bij veel sporters wordt dat direct ingepeild als overbelasting, misschien wat rust nodig, misschien een slechte dag. Maar het kan ook iets anders zijn: inspanningsastma. En als je dat niet herkent, blijf je trainen door een probleem dat niet vanzelf verdwijnt.

Wat is inspanningsastma echt?

Inspanningsastma is geen gewone kortademigheid. Het is een sterke vernauwing van de luchtwegen die optreedt direct na het stoppen met inspanning, of juist aanwezig is tijdens het sporten. Denk aan piepen bij het uitademen, een drukkend gevoel op de borst, hoesten tijdens of na de training, en soms een duidelijke afname in je prestaties zonder dat je een verklaring hebt.

Het verschilt van wat mensen gewoonlijk "slechte conditie" noemen. Bij inspanningsastma is er sprake van een fysieke reactie van de luchtwegen — die slijmvlieszwelling, spiersamentrekking, en irritatie — en die reactie is herhaalbaar.

Elke keer bij dezelfde intensiteit, ongeacht hoe fit je bent. Wat me opvalt is dat veel loopers het verwarrend vinden omdat de klachten niet altijd heftig zijn. Soms is het gewoon een beetje krap, een beetje piependen, en je denkt: "Ach, het is koud vandaag of ik ben wat moe." Maar als het patroon zich herhaalt — altijd op dezelfde intensiteit, altijd dezelfde klachten — dan is het tijd om ernstig naar te kijken.

Diagnose: hoe weet je het zeker?

De gouden standaard is een inspiratoir longfunctietest met een inspanningsprotocol. Niet gewoon een gewone longfunctie met spirometrie op rust, maar echt onder inspanning.

Wat meet men precies?

De meeste sportmedische centra kunnen dit doen, en het is belangrijk dat je een arts ziet die bekend is met inspanningsastma bij sporters — niet elke longspecialist heeft daar ervaring mee.

Men kijkt naar je FEV1 (het volume lucht dat je in één seconde met kracht uitademt) vóór en na inspanning. Bij inspanningsastma zie je daar een duidelijke daling in, meestal minstens 10-15% ten opzichte van de uitgangswaarde. Soms is er ook een provocatietest nodig als de klachten niet altijd optreden tijdens de eerste test.

Daarnaast wordt er soms een mannitol- of eucapnic voluntary hyperventilatie-test gebruikt, afhankelijk van het centrum en de richtlijnen die ze volgen. Het belangrijkste is: je moet het testen onder inspanning doen. Een normale rust-longfunctie sluit inspanningsastma uit.

Behandeling: wat kun je er aan doen?

De behandeling bestaat uit twee delen: medicatie en aanpassingen in je training.

Medicatie

Een kort werkende luchtwegverwijder (zoals salbutamol) gebruikt vóór inspanning is vaak de eerste stap. Het is een rescue-inhaler, en het werkt binnen 10-15 minuten. Bij veel sporters is dat voldoende om de klachten onder controle te houden.

Als je vaker last hebt, of als de klachten niet goed reageren op de rescue-inhaler, kan een arts een onderhoudsmedicatie overwegen. Dat is meestal een inhalatiecorticosteroïd, die de chronische irritatie in de luchtwegen vermindert.

Aanpassingen in je training

Dat is geen snelle oplossing — het kost weken om volledig te werken — maar het kan het verschil maken tussen elke training worstelen en weer soepel door je sessie komen.

Hier wordt het voor loopers en sporters interessant. Want medicatie is slechts een deel van het verhaal. Inspanningsastma wordt vaak verergerd door koude, droge lucht. In de winter is het dus extra belangrijk om goed op te warmen — niet vijf minuten joggen en dan top tempo, maar echt vijftien tot twintig minuten opbouwend werken zodat je luchtwegen geleidelijk aan de inspanning wennen.

Wat ik vaak zie bij sporters die klachten hebben: ze trainen te snel opnieuw op volle kracht na een pauze, of ze negeren de opwarmfase omdat ze "geen tijd hebben." Eerlijk gezegd — die tijd investeren in een goede opwarmroutine is geen luxe. Het is precies wat je lichaam nodig heeft om de luchtwegen voor te bereiden op zware inspanning, zeker als je voor de zekerheid een ECG bij sporters laat maken om je hartgezondheid in kaart te brengen.

Ook de omgeving telt. In de winter helpt een mondkapje of buff om de ingeademde lucht iets te verwarmen en bevochtigen. Het klinkt simpel, maar het werkt. En als je binnen kunt trainen op dagen dat het vriest of heel droog is, doe dat dan.

En als het niet meegemediceerd blijft?

Dat is het risico. Sporters die inspanningsastma hebben en het negeren, merken vaak dat ze steeds sneller kortademig worden tijdens het sporten, dat hun hersteltijd langer wordt, en dat ze onbewust beginnen te ontwijken — minder intensief trainen, minder lang, minder vaak.

Uiteindelijk krijg je iemand die denkt dat zijn conditie achteruitgaat, terwijl het lichaam gewoon een signaal stuurt. Dat vind ik trouwens het moeilijkste aan dit onderwerp. Niet de behandeling — die is goed mogelijk. Maar het herkennen.

Als sportmensen gewend zijn aan doorzetten, dan is het lastig om te accepteren dat je lichaam een grens heeft die je niet kunt trainen weg.

Maar inspanningsastma is geen zwakte. Het is een medische aandoening, en die kun je behandelen.

Wat je nu al kunt doen

Hou je klachten bij. Noteer wanneer ze optreden, hoe lang ze duren, en onder welke omstandigheden.

Die informatie is goud waard als je naar een arts gaat. En praat erover — met je sportarts, met je loopcoach, met je teamgenoten, of laat voor de zekerheid een bloedonderzoek voor sporters doen om inzicht te krijgen in je herstelvermogen.

Inspanningsastma komt veel vaker voor dan mensen denken, met name bij sporters die in koude omgeving trainen of die veel intensief intervalwerk doen. Het goede nieuws: met de juiste diagnose en behandeling kun je weer volledig meedoen. Zonder piepen, zonder druk, zonder dat gevoel dat je longen niet meedoen. Gewoon sporten, zoals het hoort.


Daan van der Zee
Daan van der Zee
Hardloopfysiotherapeut en trainingsbegeleider

Daan begeleidt recreatieve en wedstrijdlopers bij het opbouwen van hun training zonder blessures. Hij schrijft over de praktijk in de behandelkamer en wat hardlopers zelf kunnen herkennen aan hun lichaam.

✓ Geverifieerd auteur ✓ Hardloopblessures herkennen, behandelen en voorkomen
Daan van der Zee
Daan van der Zee
Hardloopfysiotherapeut en trainingsbegeleider

Daan begeleidt recreatieve en wedstrijdlopers bij het opbouwen van hun training zonder blessures. Hij schrijft over de praktijk in de behandelkamer en wat hardlopers zelf kunnen herkennen aan hun lichaam.

Meer over Sportgeneeskundig onderzoek

Bekijk alle 25 artikelen in deze categorie.

Naar categorie →
Lees volgende
Sportmedische keuring: wat wordt er getest en voor wie is het nuttig
Lees verder →