Sporttape en hulpmiddelen

Zelf tapen voor sport: basisprincipes en veelgemaakte fouten

Daan van der Zee Daan van der Zee
· · 7 min leestijd

Je ziet het overal: lopers met gekleurde tape om hun knieën, schouders en enkelen.

Inhoudsopgave
  1. Wat tape nou precies doet (en wat niet)
  2. De basis: huid voorbereiden
  3. De drie basisprincipes van goed tapen
  4. Vijf veelgemaakte fouten die je beter kunt vermijden
  5. Het juiste materiaal
  6. Verwijderen zonder schade

Het ziet er professioneel uit. Maar als je het zelf probeert, merk je al snel dat de werkelijkheid iets wezenlijk anders aanvoelt. Niet omdat tapen moeilijk is, maar omdat de meeste mensen de basisprincipes overslaan en geloven dat tape een soort magisch heeftje is.

Dat is het eerste misverstand. Tape is geen gadget.

Het is een hulpmiddel. En als je het goed gebruikt, werkt het.

Als je het verkeerd doet, draag je het gewoon op je huid — en misschien maak je dingen erger.

Wat tape nou precies doet (en wat niet)

Kinesiotape verbetert je circulatie, ondersteunt je gewrichten en geeft je zenuwstelsel informatie over hoe je lichaam beweegt.

Dat is het korte verhaal. Het langere verhaal is dat het effect sterk afhangt hoe je het aanbrengt. Eerlijk gezegd zie ik veel mensen die meterstaatjes tape over hun scheenbeenspier plakken zonder ook maar enige richting of spanning te gebruiken. Dan snap je de frustratie van therapeuten die het zien.

Wat me opvalt is dat de belangrijkste werking van tape zit in de richting waarin je het aanbrengt en de spanning die je gebruikt. Niet in het merk.

Niet in de kleur. Niet in of je het nu "sporttape" of "klassieke" tape noemt.

De werkzame component zit in je handen, niet in de rol.

De basis: huid voorbereiden

Voordat je ook maar één centimeter tape losmaakt, moet je huid klaar zijn.

Dat betekent: schoon, droog, en bij voorkeur ongeschoren. Niet omdat het er mooier uitziet, maar omdat tape op een vetlaag of zweet simpelweg niet blijft zitten. En als je na vijf minuten hardlopen al je tape ziet loskomen, heb je niets aan de beste applicatie ter wereld.

Gebruik geen bodylotion of zonnebrand vooraf. Maak je huid schoon met water en zeep, droog het goed af, en begin dan pas.

Huid ontharen: hoeven hoeft niet, maar maakt het makkelijker

Dit klinkt triviaal, maar het is de meest overstapte stap die ik tegenkom.

Je hoeft je benen niet volledig te scheren. Maar haren zorgen voor minder hechting en pijnlijker verwijderen. Als je regelmatig tapet, overweeg dan om de plek licht te scheren — een dag van tevoren, om irritatie te voorkomen. Scheer niet direct voor het tapen, dan staat je huid te bloot.

De drie basisprincipes van goed tapen

Er zijn drie dingen die altijd moeten kloppen: positie, richting, en spanning. Als één van deze drie fout zit, werkt je tape niet — of erger: het werkt averechts.

1. Positie: breng het aan in de juiste stand

Je wilt de spier of het gewricht in een licht gestrekte positie brengen voordat je tape aanbrengt.

Voor een kuitspier betekent dat: je voet omhoog, lichte dorsaalflexie. Voor een knie: het kniegewricht licht gebogen. Waarom? Omdat je tape moet ondersteunen tijdens beweging.

2. Richting: waar gaat de ondersteuning naartoe?

Als je tapet in neutrale stand en je gaat bewegen, heb je al je effect verloren. Veel mensen tape strak in rustpositie. Dat is als je een elastische broekkoord aantrekt als je zit, en dan verwacht dat hij blijft zitten als je rent. Tape werkt altijd vanuit het ankerpunt richting het eindpunt.

Het ankerpunt is het stuk tape zonder spanning dat je als eerste aanbrengt.

Het eindpunt is waar je de actieve ondersteuning naartoe richt. Bij een scheenbeensplint bijvoorbeeld: je begint aan de binnenkant van de enkel (anker), en je tape loopt naar boven richting de onderkant van de knie, over de spierbuik.

3. Spanning: de grootste valkuil

De richting volgt de spier. Niet loodrecht erop, niet schuin — volgens de spiervezelrichting. Hier gaat het bijna altijd mis.

De meeste mensen trekken te hard aan hun tape. Ze willen dat het strak zit, dat het "iets doet".

Maar te veel spanning vermindert de bloeddoorstroming, irriteert de huid, en zorgt voor een onaangenaam gevoel dat je na twintig minuten niet meer kunt negeren. De vuistregel: gebruik maximaal 25 tot 50 procent spanning over de werkzame lengte van de tape. Het ankerpunt en de laatste twee centimeter? Altijd zonder spanning. Altijd.

Die eindstukjes zorgen ervoor dat je tape blijft zitten. Als je ze strak aantrekt, krult het op.

Vijf veelgemaakte fouten die je beter kunt vermijden

Ik z deze fouten bijna dagelijks. Bij lopers in de praktijk, maar ook bij mensen die gewoon thuis hun knie willen ondersteunen voor een training.

Fout 1: Te veel tape gebruiken

Meer is niet beter. Twee stroken tape in een Y-vorm rondom een spier is vaak voldoende.

Fout 2: Tape aanbrengen op een gezwollen of ontstoken gebied zonder reden

Ik zie mensen hele benen inwikkelen alsof ze een mummie zijn. Dat geeft geen extra ondersteuning — het beperkt alleen je beweging en irriteert je huid. Als je knie heeft gezwollen na een overbelasting, is tape geen vervanging voor rust en ijs.

Fout 3: De verkeerde spanning op het ankerpunt

Tape kan helpen bij lichte klachten, maar als er sprake is van acute ontsteking, moet je eerst de basis regelen. Anders tape je eigenlijk op een probleem dat je eerst moet doseren. En doseren is — als je mij kent — waar het altijd om draait. Ik heb het al even gezegd, maar het verdient nog een keer: het ankerpunt gaat altijd zonder spanning. Zonder uitzondering.

Fout 4: Tape laten zitten als je huid prikt of je tintelt

Dat stuk tape is je basis. Als die niet goed hecht, valt alles af.

En dan heb je een strook tape op die op je schoen kleeft in de wasmachine. Als je na het aanbrengen een branderig gevoel hebt, tintelingen merkt, of je huid wit wordt onder de tape: verwijder het dan. Direct.

Fout 5: Verwachten dat tape alles oplost

Tape mag nooit pijnlijk zijn. Het mag een lichte trek voelen, een bewustzijn van "er zit iets op". Maar pijn is een signaal dat iets niet goed zit — of de spanning is te hoog, of je hebt het over een zenuw of drukplek aangebracht.

Dit is misschien wel de belangrijkste. Tape is een ondersteuning, geen oplossing.

Als je hardloopblessure terugkeert door een technisch probleem — te hoge stapfrequentie, slechte heupstabiliteit, te weinig rust — dan lost tape dat niet op. Het kan je helpen om beter bewust te lopen, om een spier te ondersteunen tijdens herstel. Maar het vervangt geen goede training, geen adequate belastingdosering, en geen slaap.

Dat vind ik trouwens het grootste misverstand in de sportwereld: dat een tool — of het nu een dure schoen, een Garmin horloge, of een rol tape is — het verschil maakt. Het verschil maakt hoe je je lichaam belast. De rest is bijzaak.

Het juiste materiaal

Je hebt geen dure tape nodig. Voor een optimaal herstel bij hardloopblessures kun je ook kiezen voor Rocktape kinesiotape voor actieve sporters.

Kies een breedte van vijf centimeter voor de meeste toepassingen. Voor kleinere gewrichten, zoals vingers of tenen, gebruik je smalle stroken van 2,5 centimeter.

Let op de kwaliteit: goede tape hecht goed, is hypoallergeen, en houdt vijf tot zeven dagen — ook tijdens het zwemmen of douchen. Goedkope tape laat los na een training, en dan heb je voor niks betaald. Wil je weten hoe sporttape op je huid en spieren werkt? Persoonlijk vind ik CureTape en FysioTape betrouwbaar. Strapit doet het ook goed.

Welk merk kies je?

Het verschil zit hem meer in de verpakking en de beschikbaarheid dan in de werking.

Kies wat voor jou handig is en wat goed hecht op jouw huid. Want huidtypes verschillen — wat bij de ene persoon een week blijft zitten, krult bij de andere op na drie dagen.

Verwijderen zonder schade

De meeste mensen rukken hun tape eraf alsof ze een pleister verwachten.

Dat is hoe je huid irriteert, haren uittrekt, en je onderhuidse laag beschadigt. De juiste manier: langzaam, in de richting van de haren, met één hand de huid vasthouden en met de andere hand de tape terugvouwen over zichzelf. Gebruik eventueel wat babyolie of tape-remover op de randen.

Wanneer je beter naar een professional kunt

Laat het intrekken, en rol de tape dan langzaam af. Duurt langer dan eraf rukken, maar je huid zal je bedanken.

Zelf tapen is prima voor eenvoudige toepassingen: je kuitspier tapen, een lichte knie-ondersteuning, een enkel.

Maar bij complexe klachten — terugkerende blessures, onduidelijke pijn, of als je tape meerdere keren per week nodig hebt — is het verstandig om een loopanalist of fysiotherapeut te raadplegen. Niet omdat je het niet kunt. Maar omdat iemand die je looppatroon, je belastingsgeschiedenis en je slaap- en herstelpatroon kijkt, een beter beeld heeft van wat er echt aan de hand is. Tape zonder context is als medicatie zonder diagnose: het kan helpen, maar je weet niet echt waarom.

En als je één ding meeneemt uit dit artikel, laat het dan dit zijn: goed tapen is een kwestie van techniek, niet van materiaal. Begin simpel, oefen op rustige dagen, en luister naar je lichaam. De rest komt vanzelf.


Daan van der Zee
Daan van der Zee
Hardloopfysiotherapeut en trainingsbegeleider

Daan begeleidt recreatieve en wedstrijdlopers bij het opbouwen van hun training zonder blessures. Hij schrijft over de praktijk in de behandelkamer en wat hardlopers zelf kunnen herkennen aan hun lichaam.

✓ Geverifieerd auteur ✓ Hardloopblessures herkennen, behandelen en voorkomen
Daan van der Zee
Daan van der Zee
Hardloopfysiotherapeut en trainingsbegeleider

Daan begeleidt recreatieve en wedstrijdlopers bij het opbouwen van hun training zonder blessures. Hij schrijft over de praktijk in de behandelkamer en wat hardlopers zelf kunnen herkennen aan hun lichaam.

Meer over Sporttape en hulpmiddelen

Bekijk alle 24 artikelen in deze categorie.

Naar categorie →
Lees volgende
Sporttape gebruiken bij blessures: soorten en toepassingen
Lees verder →